2.04 Historie

De oorzaak van ons gedrag in het heden moet worden gezocht in ons verleden[1]. Gedurende ongeveer 70.000 generaties jaren wist de mens in kleine, hechte groepjes op de Afrikaanse savanne te overleven. Deze groepsvorming stimuleerde een intense, onderlinge sociale verbintenis tussen mensen. Het brein van de Homo sapiens is in de laatste 200.000 jaar niet wezenlijk veranderd. Er is dan ook daadwerkelijk sprake van een mismatch, een soort ongelukkig huwelijk tussen de ‘wijze mens’ en de moderne samenleving. Daarbij mag niet worden vergeten dat de moderne samenleving geen doel was van onze verre voorouders. De huidige samenleving is het cumulatieve effect van een groot aantal individuele en sociale toevallige omstandigheden. Na de laatste grote ijstijd, strijken ruim 11.000 jaar geleden enkele groepjes jager-verzamelaars bij toeval neer in onder andere de vruchtbare vallei tussen de Eufraat en Tigris[2]. In de daaropvolgende millennia ruilen zij hun nomadebestaan in voor een leven als boer. Daar, ongeveer in het huidige Iran en Irak, ontstaat een toenemend aantal nederzettingen en domesticeert de mens planten en dieren op kleine lapjes grond. Het is een ontwikkeling die vooral ingrijpt op het sociale bestaan van de mens. Het groepsverband valt weg en man en vrouw komen er alleen voor te staan. Zonder de hulp van hun familie en de alloparents[3] zijn ze gedwongen in hun eentje de kinderen groot te brengen. De strijd om het bestaan blijkt een stuk zwaarder dan tijdens het voormalige nomadenleven. Er vindt een transitie plaats van het verzamelen en jagen naar het produceren van voedsel. De verandering houdt onder andere in dat er dagelijks harder en langer moet worden gewerkt en dat de kwaliteit van de voeding en de gezondheid snel en sterk achteruit gaan[4]

 

Ca. 6.000 jaar later ontstaan de eerste stadstaten en raakt een deel van de snel groeiende bevolking ‘geciviliseerd’[5]. De stadstaten worden bestuurd door een religieuze elite, een priesterkaste met een hogepriester als koning. Vooral het geloof in een goddelijke kracht markeert het begin van de eerste sociale stratificatie [6]. Al snel ontwikkelen zich de productie van en de handel in nieuwe producten zoals kleding, aardewerk, boten en koperen werktuigen. Hoewel specialisatie en arbeidsverdeling al spontaan bij de jagers-verzamelaars waren ontstaan, worden ze door de nieuwe elite sterk uitgebreid en geïnstitutionaliseerd. Onder andere de institutionalisering van geloof, watermanagement, architectuur, administratie, de oprichting van legers en de ontwikkeling van privébezit vormen het startsein voor wat later civilisatie of beschaving zou gaan heten. In traditionele zin is civilisatie een gedeeld concept, een manier van denken[7] over een (groot) aantal gezamenlijke activiteiten[8]. In deze periode ontstaan de ruileconomie, lezen en schrijven[9], worden de eerste formele wetten uitgevaardigd[10] en ontstaat het muntgeld in Lydië. De ‘ruileconomie’ moet echter begrepen worden  van vanuit jager-verzamelaars traditie van wederkerig altruïsme en gift-giving. Deze veranderingen zijn van grote invloed op onze fysieke, mentale individuele en sociale ontwikkeling. Sociale stratificatie bijvoorbeeld, dat later de onverdeelde aandacht van Rousseau kreeg (1755), markeert het moment waarop onderlinge ongelijkheid ontstaat. Dit staat lijnrecht tegenover de egalitaire levenswijze van onze voorouders, de jagers-verzamelaars[11]. Ook huidige overheden en bedrijven brengen werknemers samen in groepen met een vele malen grotere omvang dan de tribale groepen in het Pleistoceen van gemiddeld 25 tot maximaal 150 mensen[12]



[1] Tooby & Cosmides, The past explains the present, 1990

[2] Hoewel dit voorbeeld het meest bekend is in de westerse wereld, ontstaan dergelijke sedentaire ontwikkelingen onafhankelijk van elkaar en min of meer tegelijk in verschillende gebieden in de wereld: Diamond, Guns, germs and steel, 1997.

[3] Hrdy, Mothers and others, 2009

[4] Diamond, Guns, germs and steel, 1996: Overigens, lang niet alle jagers-verzamelaars veranderden hun levenswijze.

[5] Het begrip civilisatie, gebruikt als equivalent voor ´beschaving´, is afgeleid van het Latijn civas (stedeling) en civitas (stad) voor het onderscheid met ‘ongeciviliseerde barbaren’.

[6] Schott, The origins of bureaucracy: An anthropological perspective, 2000

[7] Wei, Civilization and culture, 2011

[8] Op die manier zijn ook geld en krediet een gezamenlijk concept, een illusie.

[9] Arnoff & Rees-Miller, The handbook of linguistics, 2003; Wolf, Proust and the squid: The story and science of the reading brain, 2008

[10] Duhaime.org, The timetable of world legal history, 2019

[11] Henrich & Boyd, Division of labor, economic specialization and the evolution of social stratification, 2007; Hawkes, Hunting and the evolution of egalitarian societies: Lessons from the Hadza, 2000

[12] Dunbar, The social brain  hypothesis and its implications for social evolution, 2009; Van Vugt et al., Evolution and the social psychology of leadership: The mismatch hypothesis, 2007