2.13 Tabula Rasa

Kennelijk is een aantal onder ons John Donne even vergeten. Dat bleek overduidelijk toen E.O. Wilson op Harvard een toelichting wilde geven op zijn boek Sociobiologie. Niet alleen beweerde Wilson dat de mens ultrasociaal was,  net als bijen, mieren en termieten[1]. En, schreef Wilson met euvele moed, menselijk gedrag werd mede bepaald door onze genen! Tja, dat was volgens de sociologen vloeken in de kerk en werd beschuldigd van determinisme. Zijn optreden op Harvard werd met gejoel ontvangen en Wilson kreeg een kan water over zich heen. Gedrag  was immers uitsluitend het gevolg van de ervaring die het individu na zijn geboorte met de omgeving had – niks genen of dat soort flauwekul. Volgens behaviorist John B. Watson werd de mens geboren met een brein als een onbeschreven blad, de tabula rasa doctrine[2]. Daarom is de mens fundamenteel competitief en zelfs altruïstisch gedrag komt voort uit eigenbelang. Omdat we laten zien dat dat eigenbelang altijd in het teken van de ander staat, lijkt het hier om een semantische discussie te gaan. In een relatie tussen A&B kan je immers aan willekeurig welke kant beginnen; de één start vanuit een focus op het ik, de ander legt het accent op de ander. Hier gaan we even dwars voor de sociologen liggen die tijdens hun biologieles hebben zitten slapen: altruïsme is het gevolg van empathie, vermoedelijk even oud als de zoogdieren en dus aangeboren[3]. En omdat een onbeschreven blad nooit helemaal vol kan zijn, is er altijd nog wel een plekje voor wat extra tekst. Alleen, als je in je eentje op een eiland zit, hoef je weinig op te schrijven over je altruïstische avonturen. En flessenpost richt je niet aan jezelf. 



[1] E.O. Wilson, Naturalist, 1994, p. 330-354

[2] Barkow, Cosmides & Tooby, The adapted mindEvolutionary psychology and te generation of culture,1992

[3] De Waal, Putting the altruism back into altruism: The evolution of empathy, 2008

 

Verder met: Seksuele selectie