2.18 Seksuele ornamenten

Na zijn natuurlijke selectietheorie, kreeg Darwin na lang piekeren een tweede idee. Maar het was dan ook een super idee! Waarom, zo vroeg hij zich af, heeft een pauw zo’n bizar-grote, gekleurde staart? Een edelhert zo’n onhandig groot gewei? Of een giraffe zo’n malle lange nek? De enige manier om dat de kunnen verklaren, was volgens Darwin seksuele selectie. Seksuele selectie toont de investeringen, de extra aanpassingen die het individu zich kan veroorloven in zijn secundaireseksuele ornamenten zoals Darwin de merkwaardige evolutionaire aanpassingen noemde. Secundaire seksuele ornamenten spelen de belangrijkste rol in de strijd met seksegenoten (intraseksuele selectie) en om indruk te maken op de andere sekse (interseksuele selectie). Sinds enkele decennia is duidelijk dat beide seksen het menselijke brein beschouwen als seksueel ornament. In tegenstelling tot de meeste soorten, maakt bij de mens ook de man een specifieke keuze, officieel mutual mate choice (MMC) genoemd[1]. Het gaat dus niet, zoals vaak wordt beweerd, de man uitsluitend om de fysieke kenmerken van de vrouw. Hoewel die wel van groter belang zijn dan de fysieke eigenschappen van de man voor de vrouw, is de essentie van MMC dat beide toekomstige ouders letten op de investering die de ander bereid is in hun nakomelingen te investeren. Overigens mag daarbij coöperatieve opvoeding niet worden  vergeten – de inspanningen die familieleden, andere ouderen, peers en vrienden in de (onbewuste!) ontwikkeling van het kind stoppen[2]. Dat zet meteen het misverstand over de rol van de ouders in de opvoeding van hun kinderen vol in  het licht. Die rol wordt namelijk schromelijk overdreven – ouders hebben veel minder invloed op hun kinderen dan zij en onze samenleving denken[3]



[1] Snowdon, Hiding in plain sight: Why mutual mate choice should have been found sooner, 2013

[2] Hrdy, Evolutionary context of human development. The cooperative breeding model, 2006

[3] Harris, Explaining individual differences in personality: Why we need a modular theory, 2011, p. 121-153

 

Terug naar Thematisch overzicht

Verder met: Hoofdstukken