H1.2 De evolutie van de soort mens

Samenvattend kan worden gesteld dat evolutiepsychologie dankzij de metatheoretische benadering van de werking van het brein en de mind als oorzaak van soort-specifiek gedrag, zich als discipline bij uitstek leent voor het vaststellen van individuele verschillen in besluitvorming.  De ultrasociale instelling van hominidae als de mens als gevolg van de gedwongen groepsvorming in het Pleistoceen, heeft geleid tot een complex en groot brein. De sociale en ecologische selectiedruk in combinatie met veranderde voeding, voorzag in een aantal unieke cognitieve eigenschappen die uiteindelijk zouden leiden tot de Homo sapiens sapiens. De biologische, cognitieve en psychologische mechanismen van het brein definiëren de menselijke natuur. Aldus is het menselijke brein bij uitstek het gebied waarin evolutiepsychologie is gespecialiseerd. Om deze betooglijn te onderbouwen komen achtereenvolgens aan de orde:  

  1. De cognitieve niche 
  2. Klimaat
  3. Groepsvorming
  4. Cognitive niche ???
  5. Ultra socialisering
  6. Werkverdeling
  7. Voeding en vuur
  8. Territoriumstrijd
  9. Toenemende groepsomvang
  10. Zelfdomesticatie
  11. Werktuigen en artefacten
  12. Alloparenting
  13. Out-of-Africa 2

Verder met