4.7.4 Variatie

“Waarom wij wel en zij niet?” vroeg onder andere Kristen Hawkes (2013) zich af over de oorzaak van de verschillen tussen de mens en de andere primaten. Veel onderzoekers hebben lang gezocht naar één enkele oorzaak. Anderen, zoals Tooby & DeVore (1987), zijn van mening dat de mens is geëvolueerd door een samenloop van een aantal min of meer toevallige, ecologische en sociale omstandigheden. Wat ook de oorzaken zijn, het resultaat is een unieke, cognitieve en ultrasociale soort  (Tooby & Cosmides, 1990). Het vermogen om rechtop te kunnen lopen waardoor de handen vrij zijn voor andere activiteiten en de unieke opponeerbare duim, hebben daar zeker toe bijgedragen (Key & Dunmore, 2015). Ook een aantal andere eigenschappen, zoals stereovisie, theory of mind (ToM) en kleurherkenning die de mens erfde van de primaten, zijn van groot belang geweest voor de mens. Een unieke bijdrage was de toename van het hominide brein van ca. 400 cm3 tot een gemiddelde van ca. 1350 cm3 vanaf ongeveer 600.000 jaar geleden. 

Fig. 1. Evolutie van Homo sapiens sapiens vanaf ca. 1,8 miljoen jaar geleden en enkele (vermoedelijke) hominide voorlopers (© 2019, Dbachmann,).